cyclofosfamide ( Deze stof zit in de volgende produciten: Endoxan / Cyclofosfamide )

26-10-2015 18:06


Belangrijk om te weten over cyclofosfamide

  • Cyclofosfamide remt kanker (cytostaticum). Het onderdrukt ook het afweersysteem.  
  • Bij kanker en bij ziekten van het afweersysteem, zoals bepaalde nierziekten (ziekte van Wegener), bloedziekten en huidaandoeningen (lupus erythematodes). Ook na transplantaties om afstoting te voorkomen.
  • Tabletten: slik heel door met een glas water. Doe dit op een lege maag: voor het ontbijt of 2 uur erna. Eet een half uur na inname niets.
  • Drink veel op de dagen dat u cyclofosfamide gebruikt. U kunt dan gedurende de dag een aantal keren plassen. Omdat u het snel kunt uitplassen, zal het uw blaas minder irriteren.
  • Bij kanker: vraag een doseerschema met de dagen waarop u cyclofosfamide moet slikken.
  • Bijwerkingen die u meteen merkt zijn: misselijkheid, braken en een metaalsmaak.
  • Binnen enkele dagen tot weken: haaruitval, bloedarmoede, bloedingen (zoals bloedneuzen) en pijnlijke mond en keel. Ook heeft u meer kans op infecties.
  • Vraag advies wat u tegen de bijwerkingen kunt doen. Haren gaan ongeveer een maand na de behandeling weer groeien.
  • Cyclofosfamide is zeer sterk werkzaam. Voorkom dat het poeder van een gebroken tablet kan verstuiven. Het is dan schadelijk voor uw huisgenoten. Breng een verpakking met kapotte tabletten naar uw apotheek.
  • Tijdens en gedurende 3 maanden na de behandeling mag u niet zwanger worden. 


Wat doet cyclofosfamide en waarbij gebruik ik het?

Cyclofosfamide is een kankerremmende stof (cytostaticum). Het onderdrukt ook het afweersysteem.

Artsen schrijven het voor als chemotherapie bij bepaalde vormen van kanker, zoals bloedkanker (lymfeklierkanker, leukemie en de ziekte van Kahler), borstkanker, eierstokkanker, longkanker, botkanker en kanker in het zenuwstelsel.

Cyclofosfamide onderdrukt ook het afweersysteem. Het wordt daarom gebruikt bij bepaalde ziekten waarbij de afweer tegen de eigen lichaamscellen is gericht.

Voorbeelden zijn bepaalde nierziektes (zoals de ziekte van Wegener), lupus erythematodes, hemolytische anemie (een vorm van bloedarmoede), transplantaties om afweerreacties te voorkomen en bepaalde huidaandoeningen die het gevolg zijn van allergie.


Wat zijn mogelijke bijwerkingen?

Dit medicijn heeft een krachtige werking op de celdeling, niet alleen van kankercellen of cellen van het afweersysteem, maar ook van gezonde lichaamscellen. Hierdoor kunnen bijwerkingen ontstaan, bijvoorbeeld op plaatsen waar de cellen zich van nature snel delen. Dit zijn de slijmvliezen van mond, maag en darmen, de huid, de haren en het bloed.

Door de lijst van bijwerkingen kan het lijken dat het medicijn erger is dan de kwaal. Maar de bijwerkingen komen lang niet bij iedereen in dezelfde mate voor. Bovendien gaan de bijwerkingen na de kuur geleidelijk over.

De belangrijkste bijwerkingen zijn de volgende.


Regelmatig

  • Misselijkheid, braken en een metaalachtige smaak meteen na toediening. De misselijkheid kan enkele dagen aanhouden. Bij misselijkheid schrijft de arts een antibraakmiddel voor. Soms helpt het om vaker te eten, maar dan kleine beetjes. De tabletten moet u echter bij voorkeur op een lege maag innemen en daarna enige tijd niet eten. Als u vaker dan één keer per dag moet braken moet u de arts waarschuwen.
  • Haaruitval, kaalheid en breekbaar haar. Dit begint meestal twee tot vier weken na de eerste dosis. Niet alleen van hoofdhaar, maar ook van wenkbrauwen, wimpers, oksel- en schaamhaar. Na de behandeling zal het haar na ongeveer een maand weer gaan groeien.


Soms

  • Bloedarmoede, een verhoogde kans op infecties en een verhoogde kans op bloedingen, zoals bloedneuzen. Deze bijwerkingen ontstaan doordat het lichaam minder rode en witte bloedcellen en minder bloedplaatjes aanmaakt. Deze bijwerking kan ook nog één tot twee weken optreden nadat u met de behandeling bent gestopt. Soms is het nodig de dosering te verlagen of de volgende toediening uit te stellen. Soms zijn er medicijnen mogelijk om de aanmaak van bloedcellen te stimuleren. De arts zal uw bloed daarom tijdens de behandeling regelmatig laten controleren. Het bloed herstelt zich weer als de kuur is afgelopen. Neem bij de volgende verschijnselen contact op met uw arts: onverklaarbare koorts of keelpijn, blaasjes in de mond en keel, bloedneuzen, onverklaarbare blauwe plekken en extreme vermoeidheid. Door het tekort aan witte bloedcellen bent u ook bevattelijker voor infecties door virussen, bacteriën of schimmels. Neem altijd contact op met uw arts bij infecties als verkoudheid, keelontsteking, griep, steenpuisten en andere huidinfecties.
  • Ontsteking van het slijmvlies in de blaas. Dit merkt u aan pijn bij plassen, vaak moeten plassen en in erge gevallen aan bloed in de urine. Bij bloed in de urine moet u meteen de arts of verpleegkundige bellen en geen nieuwe dosis gebruiken. U kunt de kans op deze bijwerking verlagen door het middel 's ochtends te gebruiken en niet 's avonds. Als u het 's ochtends gebruikt, heeft u de gelegenheid een aantal keer per dag uw blaas te legen. Zorg ook dat u tijdens en na de behandeling veel drinkt. U verdunt dan het medicijn in de urine en u moet vaker plassen, zodat het medicijn sneller uw blaas verlaat. Soms schrijft de arts een middel voor om de blaas tegen de inwerking van cyclofosfamide te beschermen.


Zelden

  • Rillingen, gevoel van zwakte en zich onwel voelen.
  • Maagdarmklachten, zoals diarree, gebrek aan eetlust, smaakveranderingen, buikpijn, maagpijn, brandend maagzuur en winderigheid. Deze bijwerkingen ontstaan door ontsteking van de slijmvliezen van slokdarm, maag en darmen. Om maagpijn en brandend maagzuur te bestrijden, kan de arts een maagbeschermend middel voorschrijven. Zorg dat u extra drinkt bij ernstige diarree en als u moet overgeven. Neem contact op met uw arts als u behalve uw normale ontlastingpatroon viermaal of vaker per dag dunne ontlasting heeft of als u ook 's nachts diarree heeft. Soms is het nodig uitdroging te voorkomen met geneesmiddelen tegen diarree of een vochtinfuus.
  • Pijnlijke mond, tong of keel. Deze bijwerkingen ontstaan door ontsteking van de slijmvliezen van mond, keel en slokdarm. U kunt dit zien aan een vuurrode kleur van de slijmvliezen. Eten en drinken kunnen hierdoor pijnlijk zijn. In veel gevallen helpt het om op ijsblokjes te zuigen, tijdens en direct na de kuur. Tijdens de kuur kunnen ingrepen aan uw gebit of in uw mond de klachten verergeren. Daarom is het verstandig om vóór u aan de kuur begint, uw tandarts uw gebit te laten controleren en eventueel behandelen. Verzorg uw gebit extra goed door een aantal maal per dag te poetsen met een zachte tandenborstel. Ook kunt u spoelen met een desinfecterende mondspoeling.
  • Verminderde vruchtbaarheid. Bij vrouwen kunnen in zeldzame gevallen de geslachtshormonen verstoord raken, waardoor de menstruatie enige tijd wegblijft en zij minder makkelijk zwanger kunnen raken. Vrouwen kunnen door gebruik van dit middel eerder in de overgang komen. Bij sommige mannen kan de vorming van zaadcellen stoppen, waardoor zij definitief onvruchtbaar worden. Bespreek met uw arts de mogelijkheid om zaadcellen op te slaan voor u met de behandeling start. Kinderen, zowel jongens als meisjes, kunnen eerder of juist later in de puberteit komen. Zeer zelden kunnen zij blijvend onvruchtbaar worden, omdat cyclofosfamide de ontwikkeling van de geslachtsorganen kan verstoren.


Zeer zelden

  • Huidveranderingen, ontstekingen van de huid, verdikkingen van de huid of donkere verkleuringen van de huid.
  • Aantasting van het gehoor (doofheid).
  • Allergie. Raadpleeg uw arts bij huiduitslag. In zeer zeldzame gevallen kan namelijk een zeer ernstige huidreactie ontstaan. Dit merkt u aan blaren op huid en slijmvliezen, koorts, ontstoken ogen en een ziek gevoel. Stop dan het gebruik en waarschuw direct een arts. Hierna mag u dit middel niet opnieuw gebruiken. Geef daarom aan de apotheek door dat u allergisch bent voor cyclofosfamide. Het apotheekteam kan er dan op letten dat u dit middel niet opnieuw krijgt.
  • Overgevoeligheidsreactie. Dit merkt u aan huiduitslag, galbulten en jeuk. Ernstige overgevoeligheid is te merken aan benauwdheid of een opgezwollen gezicht. Ga dan onmiddellijk naar een arts.
  • Hand-voet-syndroom. De handen en voeten zijn pijnlijk, rood en gezwollen en kunnen tintelen of doof aanvoelen. De huid kan afschilferen en er kunnen zweren of blaren op de huid ontstaan. Waarschuw uw arts als u deze verschijnselen bemerkt.
  • Zenuwbeschadiging. U merkt dit aan pijn, een doof of tintelend gevoel en krampen in de ledematen.
  • Longaandoeningen. Raadpleeg uw arts als u steeds benauwder wordt.
  • Hartkloppingen en hartklachten. Waarschuw uw arts als u hartkloppingen krijgt. Mensen met hartfalen kunnen meer last krijgen van hun klachten. Bij toename van vocht vasthouden (dikke enkels) of benauwheid moet u uw arts waarschuwen.
  • Kanker. Cyclofosfamide kan het DNA aantasten, waardoor in zeldzame gevallen juist kanker kan ontstaan. De arts weegt daarom altijd het risico hierop af tegen het nut van de behandeling met cyclofosfamide.
  • Leverbeschadiging en ontsteking van de alvleesklier. Raadpleeg uw arts bij plotselinge hevige pijn in de bovenbuik, extreme vermoeidheid of een gele verkleuring van huid en oogwit.
  • Een verminderde nierwerking.


Neem contact op met uw verpleegkundige of arts als u te veel last heeft van één van de bovengenoemde bijwerkingen. Soms is het nodig de dosering aan te passen, zodat de bijwerkingen verminderen. Soms ook zal de arts een ander medicijn voorschrijven tegen de bijwerkingen.

Bespreek ook met uw arts of verpleegkundige als u zich zorgen maakt over bijwerkingen. Ervaart u andere bijwerkingen dan die hierboven staan? Meld dat dan aan uw apotheek, arts of verpleegkundige.


Let op:

Dit middel is schadelijk voor het ongeboren kind. Vrouwen mogen niet zwanger worden als ze dit middel gebruiken. Ook mannen die dit middel gebruiken, mogen hun partner niet zwanger maken.

Zowel mannen als vrouwen moeten daarom een goede anticonceptie gebruiken. Ga met de anticonceptie door tot minstens drie maanden na afloop van de behandeling. Overleg hierover met uw arts.

Heeft u last van een bijwerking? Meld dit dan bij het bijwerkingencentrum lareb. Hier worden alle meldingen over bijwerkingen van medicijnen in Nederland verzameld.

Ik wil een bijwerking melden: https://www.lareb.nl/meld-bijwerking/Meldformulier.aspx



Hoe gebruik ik dit medicijn?

Slikken van medicijnen            

Slikken van medicijnen
    


Kijk voor de juiste dosering op het etiket van de apotheek of in de bijsluiter.


Hoe?







Dragees

  • Neem de dragees heel in, zonder kauwen met een heel glas water.
  • Maak de dragees niet kapot. Ziet u bij het openmaken van de verpakking kapotte dragees? Sluit de verpakking dan weer goed en breng deze terug naar de apotheek.
  • Voorkom dat poeder van kapotte dragees zich door het huis verspreidt. Anders kunnen uw huisgenoten er mee in aanraking komen.
  • Krijgt u wat poeder uit kapotte dragees op uw huid of in uw ogen? Was uw huid dan goed af. Spoel uw ogen met veel water.
  • Komen anderen toch met dit middel in contact? Raad hen dan aan zich meteen af te spoelen. Zo beperken ze de risico's tot het minimum.

Infuus of injectie
Meestal krijgt u dit middel in het ziekenhuis of in de polikliniek toegediend door een gespecialiseerde verpleegkundige.

Krijgt u dit middel thuis toegediend door de verpleegkundige? U zult merken dat de verpleegkundige zo hygiënisch mogelijk zal werken. Dit om te voorkomen dat de verpleegkundige zelf of uw huisgenoten in contact komen met het middel.

De procedure houdt het volgende in:

  • Handen wassen voor en na het klaarmaken en toedienen van het infuus.
  • Het gebruiken van wegwerpmatjes om morsen te voorkomen.
  • Het gebruiken van wegwerpdoekjes om gemorst materiaal op te nemen.
  • Alle gebruikte spuiten en naalden gaan in een speciale kunststof afvalcontainer (deze kunt u bij de apotheek verkrijgen, een volle container is hier in te leveren).
  • Alle andere gebruikte materialen gaan in een dubbele afvalzak en kunt u met het huisvuil weggooien. Zorg ervoor dat kinderen niet bij de afvalzak kunnen komen!

Wanneer?

  • Het infuus zal 's ochtends worden toegediend. Neem ook de dragees 's ochtends in. U kunt dan gedurende de dag een aantal keer plassen. Het medicijn blijft zo niet te lang in de blaas. Het kan immers de blaas beschadigen bij langdurig contact. Als u het 's avonds zou gebruiken, zou het te lang duren voor u uw blaas leegt.
  • Neem de dragees bij voorkeur in op een lege maag. Het medicijn wordt dan beter opgenomen. Een lege maag heeft u vanaf twee uur na een maaltijd. Wacht na inname van de dragees bij voorkeur nog een half uur met eten.

Hoe lang?
Per aandoening is er een ander type behandeling met een ander toedieningsschema.

Uw arts bepaalt dit voor iedere individuele patiënt afzonderlijk:

  • Kanker: het is afhankelijk van het type kanker hoe lang u dit middel moet gebruiken. Dat kan variëren van elke dag een lage dosis tot enkele dagen per maand een hoge dosis.
  • Nefrotisch syndroom: een kuur duurt meestal drie maanden, waarbij u dit middel dagelijks gebruikt.
  • Systemische lupus erythematodes (SLE): de behandeling met dit medicijn duurt meestal een aantal jaar, waarbij u dit middel eenmaal per maand of per drie maanden gebruikt.
  • Ziekte van Wegener. als de ziekte tot staan is gebracht, zal de arts de dosering meestal in een jaar tijd langzaam afbouwen.
  • Ernstige huidaandoeningen, zoals Stevens-Johnson syndroom, toxische epidermale necrolyse en pemphigus vulgaris: de behandeling is meestal eenmalig.

Wat te doen met urine, ontlasting, bloed, wondvocht of braaksel?
Voor uw directe omgeving, zoals huisgenoten, is het verstandig contact te vermijden met uw lichaamsvloeistoffen. Dit betekent niet dat aanraken of zoenen verboden is. Het gaat alleen om maatregelen om niet in aanraking te komen met urine, ontlasting, bloed, wondvocht of braaksel, omdat het geneesmiddel hierin aanwezig is.

Neem daarom tot drie dagen na de laatste dosering de volgende maatregelen:

  • Mannen kunnen het best zittend plassen (net als vrouwen), om spatten te voorkomen. Was na elk toiletbezoek de handen.
  • Spoel na het gebruik van het toilet tweemaal achtereen door, met het wc-deksel dicht. Zo voorkomt u spatten. Maak het toilet elke dag schoon.
  • Doe kleding of beddengoed met urine, ontlasting, bloed of braaksel meteen in de wasmachine. Gebruik daarbij wegwerphandschoenen.
  • Ruim urine, ontlasting en braaksel met tissues op en gooi deze weg in het toilet. Gebruik hierbij ook handschoenen. Gooi de materialen weg in een dubbele afvalzak. Maak de plek daarna eventueel schoon met een sopje. Spoel het sopje door het toilet.
  • Ook bloed en wondvocht kunnen het medicijn of restanten ervan bevatten. Daarom gebruikt men bij de behandeling van wonden altijd wegwerphandschoenen. U kunt verband, gaasjes en al het overige wegwerpmateriaal in een dubbele afvalzak doen.

Wat moet ik doen als ik een dosis ben vergeten?

Infuus
Bent u de afspraak vergeten? Neem dan contact op met het ziekenhuis om een nieuwe afspraak te maken.

Dragees
Het is belangrijk dat u dit middel consequent blijft slikken. Mocht u toch een dosis vergeten, neem deze dan zo snel mogelijk in. Maar slik geen dubbele dosis.

Als u dit middel één keer per dag gebruikt: duurt het nog meer dan acht uur voor u de volgende dosis normaal inneemt? Neem de vergeten dosis dan alsnog in. Duurt het nog minder dan acht uur? Bel uw verpleegkundige of arts.

Kan ik met dit medicijn autorijden, alcohol drinken en alles eten of drinken?

autorijden?
Heeft u last van misselijkheid en een ziek gevoel na de behandeling? Dan kan dit uw rijvaardigheid beïnvloeden. Rijd geen auto als u hier last van heeft.

alcohol drinken?
Alcohol irriteert de slijmvliezen van het maagdarmkanaal. Het vergroot daardoor de kans op bijwerkingen op de maag en darmen. Gebruik daarom liever geen alcohol tijdens de kuur en zolang u last heeft van uw maag en darmen.

alles eten?
U kunt alles eten wat uw maag verdraagt. Bepaalde soorten voedsel zijn echter af te raden als u last heeft van uw maag. Op deze site kunt u onder 'Klachten & ziektes', 'Maagklachten' adviezen vinden voor mensen met maagklachten.

Mag ik cyclofosfamide gebruiken met andere medicijnen?

Dit middel heeft wisselwerkingen met andere medicijnen. In de tekst hieronder staan alleen de werkzame stoffen van deze medicijnen en niet de merknamen.

Of uw medicijn een van die werkzame stoffen bevat, kunt u nagaan in uw bijsluiter onder het kopje 'Samenstelling'.

  • Vaccins. Meld altijd aan de arts dat u cyclofosfamide gebruikt. Dit middel kan de werkzaamheid van sommige soorten vaccins verminderen en de kans op bijwerkingen door de vaccins vergroten. Overleg met uw apotheker of arts als u moet worden gevaccineerd.
  • De middelen tegen epilepsie, valproïnezuur, carbamazepine, fenytoïne en fenobarbital. Sommige van deze medicijnen worden ook gebruikt bij zenuwpijn en manische depressiviteit. Cyclofosfamide kan de werking van deze medicijnen verminderen.
  • De medicijnen tegen hiv-infectie: atazanavir, darunavir, fosamprenavir, indinavir, lopinavir, ritonavir, saquinavir, tipranavir verminderen het effect van cyclofosfamide. Overleg met uw arts als uw deze combinatie heeft voorgeschreven.
  • Het afweeronderdrukkende middel ciclosporine. Cyclofosfamide kan de bijwerkingen van ciclosporine versterken. Uw arts zal de hoeveelheid ciclosporine in het bloed extra vaak moeten controleren.
  • De bloedverdunners acenocoumarol en fenprocoumon. Cyclofosfamide kan de werking van de bloedverdunner beïnvloeden. Licht de trombosedienst daarom in als u cyclofosfamide gaat gebruiken, de dosering verandert of als u stopt met het gebruik van cyclofosfamide.
  • Tamoxifen, een anti-oestrogeen, dat gebruikt wordt bij bepaalde vormen van borstkanker. Het verzwakt de werking van cyclofosfamide. Raadpleeg uw arts.

Twijfelt u eraan of een van de bovenstaande wisselwerkingen voor u van belang is? Neem dan contact op met uw apotheker of arts.

Het is belangrijk dat uw arts weet welke medicijnen u nog meer gebruikt. Neem daarom uw medicatieoverzicht mee als u naar het ziekenhuis gaat. Dit is een overzicht waarop staat welke medicijnen u gebruikt, maar ook of u bijvoorbeeld allergisch bent voor bepaalde medicijnen. U kunt dit overzicht bij uw eigen apotheek opvragen. Krijgt u in het ziekenhuis nieuwe medicijnen, of verandert er iets aan uw medicijngebruik? Geef dit dan ook weer door aan uw eigen apotheek. Dan blijft uw medicatieoverzicht actueel.

Mag ik dit medicijn gebruiken als ik zwanger ben, wil worden of borstvoeding geef?

Zwangerschap
U mag dit middel NIET gebruiken als u zwanger bent of binnenkort wilt worden. Tijdens de behandeling en tot drie maanden na beëindiging ervan mag u niet zwanger worden. Er is een grote kans dat het een aangeboren afwijking bij het kind veroorzaakt.

Borstvoeding
Geef GEEN borstvoeding als u dit middel moet gebruiken. Van dit middel komt veel in de moedermelk terecht. Het zal ernstige bijwerkingen bij het kind veroorzaken.

Mag ik zomaar met dit medicijn stoppen?

Chemokuur: een kuur met cyclofosfamide is zwaar en kan moeilijk vol te houden zijn, ook al helpt het u de ziekte te verslaan. Wordt de behandeling u te zwaar, bespreek dat dan met uw arts of verpleegkundige. Samen kunt u de bijwerkingen bespreken en kijken of er alternatieven zijn.

Onder welke namen is cyclofosfamide verkrijgbaar?

De werkzame stof cyclofosfamide zit in de volgende producten:

Endoxan / Cyclofosfamide.

Heb ik een recept nodig?

Cyclofosfamide is sinds 1957 internationaal op de markt. Het is op recept verkrijgbaar onder de merknaam Endoxan in dragees en injectievloeistof en als het merkloze Cyclofosfamide als injectievloeistof.

Wilt u meer weten over de prijs en vergoeding van uw medicijn?

Lees dan verder in het thema: Medicijnprijzen en vergoedingen: http://www.apotheek.nl/themas/medicijnprijzen-en-vergoedingen-hoe-zit-het-nu


Bron: www.apotheek.nl