JONGVOLWASSENE MET KANKER TE VAAK BEHANDELD ALS OUDERE VOLWASSENE.

14-06-2022 19:25

 

 

Auteur: ROWAN PEPERKAMP - linda.nl/nieuws/binnenland

 

 

GEZONDHEID.

 
 
 
 
 
 
 
 
 
Jongvolwassenen met kanker krijgen nu te vaak dezelfde behandeling als lotgenoten die ouder zijn. Daardoor ontdekken artsen de ziekte soms pas later, wat de behandelmogelijkheden kan beperken.

Tevens doet de zorg onvoldoende recht gedaan aan specifieke aan de ziekte verwante problemen van de jongere groep. Dat zegt kennisinstituut Integraal Kankercentrum Nederland (IKNL).
 
 

KANKERBEHANDELING:


“Om de kansen voor jonge mensen met kanker zo goed mogelijk te laten zijn, is een snelle diagnose cruciaal en is dus meer bewustwording nodig. Zowel bij het algemene publiek als bij zorgprofessionals”, zegt Thijs Merkx van IKNL. Ook is meer onderzoek nodig naar kanker bij jongeren.

 

Elk jaar krijgen bijna 4000 mensen tussen de achttien en veertig jaar – ook wel AYA’s (adolescents and young adults) genoemd – de diagnose kanker. Bij jongvolwassenen met gezondheidsklachten denkt men vaak pas later aan de mogelijkheid van kanker. Ook kan kanker op jonge leeftijd anders zijn dan op latere leeftijd.
 
 

JONGVOLWASSENEN:


Tumoren bij AYA’s vereisen mogelijk een andere behandeling. En door naar deze jongere patiënten te kijken als naar oudere patiënten, worden volgens de organisatie bijkomende factoren over het hoofd gezien. “Hun leven wordt door kanker en de gegeven behandeling op zijn kop gezet op een leeftijd waarop ze studeren, eerste werkervaring opdoen, een huis willen kopen of een gezin willen starten”, aldus IKNL.

 

Op dit moment leven in Nederland meer dan 32.000 AYA’s mét of ná kanker. “Behandelingen zoals radiotherapie, chemotherapie of stamceltransplantatie op jongvolwassen leeftijd, vergroten het risico op latere gezondheidsproblemen.”

“Zo kampt driekwart van de AYA’s geruime tijd na de diagnose en behandeling nog met vermoeidheidsklachten. Ook ervaart meer dan de helft cognitieve klachten en een derde pijn en neuropathie, zoals tintelingen in handen en voeten.”

 

 

LAATSTE LEVENSFASE:


Ook in de laatste levensfase van AYA’s kan het vaak beter. “Iedereen voelt dat het unfair is dat zulke jonge mensen zo vroeg overlijden. Dat, samen met het feit dat er vaak geen andere onderliggende ziektes zijn, maakt dat dokters en patiënten neigen lang door te gaan met behandelen. Het is daarom belangrijk het gesprek over de balans van wel of niet behandelen, ook bij AYA’s, tijdig te houden en sowieso in te zetten op goede symptoombestrijding”, zegt Winette van der Graaf, voorzitter van het AYA Zorgnetwerk.
 
 
 
 
 
Bron: www.linda.nl