Mannen kunnen prostaatkanker vroeger laten opsporen.

06-01-2020 17:16


Auteur: Redactie Medicalfacts / Alida Budding - Hennink.





ProstaatkankerStichting.nl wil in novembermaand bewustwording vergroten.


 

Driekwart van de mannen weet niet wat de symptomen van  prostaatkanker zijn, terwijl de kans op genezing het grootste is als ze  er snel bij zijn. Daarom vraagt ProstaatkankerStichting.nl in november,  de maand van de prostaatkanker, aandacht voor het vroeg opsporen van de  ziekte.


12.000 mannen per jaar:

Jaarlijks krijgen in Nederland zo'n 12.000 mannen de diagnose  prostaatkanker en overlijden 2600 mannen aan de ziekte. Toch is het voor veel mannen moeilijk om over hun prostaat en prostaatkanker te praten.  Er is nog veel onbekendheid. Ze denken dat het een oude mannenziekte is, terwijl alle mannen vanaf 50 jaar al een verhoogde kans hebben op  prostaatkanker. Ook denken ze dat je op zijn minst plasklachten moet  hebben voordat je naar de huisarts gaat. Maar prostaatkanker geeft geen  klachten of pas in een latere fase, waardoor de ziekte met recht een  sluipmoordenaar wordt genoemd.


Driekwart weet weinig:

Uit onderzoek van de Europese Vereniging van Urologie (EAU) uit  2018 onder 2500 mannen in 5 Europese landen bleek dat driekwart van de respondenten weinig weet over de symptomen van prostaatkanker. Slechts  een op de vijf mannen (22 procent) weet waar de prostaat zich precies  bevindt; bij vrouwen weet 28 procent dat. Ruim de helft van de mannen  denkt dat ook vrouwen een prostaat hebben.


Volgens ProstaatkankerStichting.nl kan meer bekendheid en  bewustwording vroege opsporing bevorderen, wat een betere kans op  genezing geeft. Zo kan PSA-bloedonderzoek bij de huisarts uitwijzen of  mannen een verhoogde kans op prostaatkanker hebben. PSA (Prostaat  Specifiek Antigeen) is een eiwit in het bloed dat wordt aangemaakt in  het klierweefsel van de prostaat.


Een 'zieke' prostaat geeft meer PSA af in het bloed, dus kan een verhoogde PSA-waarde een belangrijke  indicatie geven. Nader onderzoek moet uitwijzen of het kanker is of een  prostaatontsteking of een goedaardige prostaatvergroting.


Belangrijk:

Hoe belangrijk vroege opsporing is, toont het verhaal van patiënt  Berrie (57) aan. Hij is een van de mannen die graag beter was  geïnformeerd over PSA en de mogelijkheid tot testen. Berrie kende het  begrip PSA niet toen hij in 2014 naar de huisarts ging met een klacht.  Hij werd weggestuurd met de mededeling dat het waarschijnlijk iets  onschuldigs was. Anderhalf jaar later, nadat zijn beste vriend na zeven  maanden ziekte op 56-jarige leeftijd overleed aan prostaatkanker, ging  Berrie opnieuw naar de huisarts, want hij was er toch niet gerust op.  Zijn PSA bleek verhoogd en de prostaatkanker was al uitgezaaid.


Huisartsen hebben volgens ProstaatKankerStichting.nl een  belangrijke taak in de voorlichting aan patiënten. Er zitten namelijk  voor- en nadelen aan deze vroege opsporing die de huisarts objectief kan toelichten, vóórdat de patiënt besluit tot wel of geen PSA-meting.  Huisartsen die huiverig zijn om zomaar een PSA-test af te nemen  refereren vaak aan 'overdiagnostiek', 'overbehandeling' en 'onnodige  pijnlijke weefselprikken' (biopten) bij een verhoogde PSA-waarde.  Volgens de stichting zijn deze argumenten minder van toepassing als  huisartsen een patiënt doorverwijzen naar een ziekenhuis waar een goede  prostaat-MRI gemaakt kan worden, die door een ervaren prostaat-radioloog beoordeeld kan worden.


Elke man ervan op de hoogte:

Uiteindelijk is het belangrijk dat elke man ervan op de hoogte is  dat hij de huisarts om een PSA-test mag vragen en dat hij, volgens de  richtlijn voor huisartsen, mits goed geïnformeerd,  zélf kan beslissen  of hij wel of geen PSA-test wil laten doen.



Bron: www.medicalfacts.nl