Aromatherapie biedt meer dan wellness: het vermindert misselijkheid bij chemotherapie-patiënten.

10-06-2026 12:41

 

 

Auteur: Willem van Altena - ntvo.nl

 

 

 

 

 

Bij sommige patiënten slaat de misselijkheid na chemo zo hard toe dat ze – ondanks moderne anti-emeticakuren – nauwelijks meer durven te eten of drinken. In een recente klinische trial die is gepubliceerd in het European Journal of Oncology Nursing laten onderzoekers nu zien dat iets ogenschijnlijk eenvoudigs als een aromastick of een paar druppels etherische olie onder de neus de klachten aantoonbaar kan dempen, zonder extra pillen.

 

Ondanks combinaties van 5‑HT3‑antagonisten, corticosteroïden en NK1‑remmers houdt een aanzienlijk deel van de kankerpatiënten last van zowel acute als vertraagde chemo-geïnduceerde misselijkheid en braken (CINV). Dit ondermijnt voedingstoestand, hydratatie en uiteindelijk het kunnen volhouden van de behandeling. Daar komt bij dat anti-emetica zelf bijwerkingen kunnen geven, zoals hoofdpijn, obstipatie, bloeddrukschommelingen en stemmingsklachten. Daarom groeit de belangstelling voor aanvullende interventies die níet weer een extra medicament toevoegen, maar wel verlichting geven.

 

 

Wellness:

Aromatherapie – via inhalatie van geuren zoals pepermunt, gember of citrus – wordt in ziekenhuizen en oncologische centra al langer toegepast, maar gold lang als wellness extraatje met onduidelijke bewijslast. De vraag is nu: wat weten we anno 2025–2026 uit harde klinische studies?

 

Onlangs verscheen een Amerikaanse studie in het European Journal of Oncology Nursing. De onderzoekers includeerden 100 volwassen kankerpatiënten die een matig tot hoog emetogene chemotherapie kregen. Alle deelnemers ontvingen een standaard anti-emetisch regime; vervolgens werd gerandomiseerd naar alleen standaardzorg (n=48) of standaardzorg plus een aromatherapie‑inhaler (n=52).

 

Die inhaler –een aromastick met een mengsel van essentiële oliën (zoals pepermunt en gember) – mochten patiënten gebruiken bij het eerste teken van misselijkheid en daarna naar behoefte, bovenop hun reguliere medicatie. Op vier contactmomenten registreerden de onderzoekers zowel misselijkheids- als braakklachten, evenals het aantal keren dat patiënten naar extra anti-emetica grepen.

 

 

Markant effect:

Het effect op medicatiegebruik was markant. Tijdens het eerste bezoek werden in de controlegroep 522 innames van extra anti-emetica geregistreerd, tegenover 136 in de aromatherapiegroep. Ook bij latere bezoeken bleef dit patroon zichtbaar: 417 versus 145, en 409 versus 142. Daarnaast rapporteerden patiënten zonder inhaler vaker dat ze naar andere, niet-medicamenteuze maatregelen grepen, zoals thee, bouillon of extra vocht, dan de patiënten met aromatherapie.

 

De auteurs concluderen dat inhalatie‑aromatherapie met een aromastick een haalbare, veilige en goedkope aanvullende optie is, die de intensiteit van CINV vermindert en het gebruik van extra anti-emetica terugdringt. Belangrijk: de aromatherapie vervangt de standaard anti-emetische behandeling niet, maar lijkt deze functioneel te versterken.

 

 

Sinaasappelolie:

Eind 2025 werd een studie in Iran uitgevoerd die vergelijkbare resultaten liet zien, en die is gepubliceerd in BMC Complementary Medicine and Therapies. Deze studie richtte zich specifiek op vrouwen met stadium 2–3 borstkanker die AC‑T‑chemotherapie krijgen (doxorubicine–cyclofosfamide gevolgd door paclitaxel). In totaal deden 92 patiënten mee: 46 in de aromatherapiegroep en 46 in de controlegroep. De interventiegroep kreeg olie van bittere sinaasappels (Citrus aurantium) toegediend, de controlegroep kreeg een reukloze placebo‑olie (zonnebloemolie). De toepassing was nadrukkelijk zo ontworpen dat die ook thuis uitvoerbaar is: twee druppels olie tussen bovenlip en neus, twintig minuten normaal ademen, driemaal per dag (9:00, 15:00, 21:00) gedurende vijf dagen na elke chemokuur.

 

De ernst van misselijkheid, braken en retching werd dagelijks vastgelegd met de Rhodes Index of Nausea, Vomiting and Retching (INVR), een gevalideerd instrument waarbij hogere scores meer klachten betekenen. De gekozen periode van vijf dagen sluit aan bij het bekende beloop van CINV: de piek ligt vaak tussen 24 uur en vijf dagen na toediening.

 

De resultaten zijn vooral overtuigend in de vertraagde fase. Op dag 3 tot en met 5 waren de scores voor braken in de aromatherapiegroep significant lager dan in de controlegroep (respectievelijk p=0,05; p=0,04; p=0,01), en hetzelfde gold voor misselijkheid en kokhalzen, met duidelijke verschillen op dag 3 en 5 en trends op dag 4. De totale symptoomscore over vijf dagen daalde in de sinaasappelolie‑groep van gemiddeld 6,29 (± 5,80) naar 3,55 (± 4,56), terwijl de controles nauwelijks verbeterden. Ernstige bijwerkingen door de olie werden niet gerapporteerd.

 

 

Limoneen:

Mechanistisch past dit bij wat bekend is over limoneen, het belangrijkste bestanddeel van Citrus aurantium, dat effect heeft op serotonerge en dopaminerge pathways die betrokken zijn bij misselijkheid en braken. Tegelijkertijd benadrukken de auteurs dat hun studie single‑center is en relatief klein, zodat grotere multicentrische trials nodig zijn om de bevindingen te bevestigen.

 

Gezamenlijk laten de Amerikaanse aromastick‑trial en de Iraanse Citrus‑aurantium‑trial zien dat inhalatie‑aromatherapie meer is dan “geurige wellness”: in goed opgezette studies wordt significant minder misselijkheid, minder braken en minder gebruik van rescue‑medicatie gezien. In een recente meta-analyse wordt dat beeld breder bevestigd: inhalatie met oliën als pepermunt, gember en citrus lijkt vooral acute en vertraagde misselijkheid te verminderen, al zijn de effecten op braken minder uniform.

 

Voor oncologen en verpleegkundigen is de praktische boodschap dat aromatherapie voor CINV zich ontwikkeld heeft tot een serieuze aanvullende optie bij standaard anti-emetica. De interventies zijn laagdrempelig, goedkoop en door patiënten zelf toe te passen. Voorwaarde is wel dat er aandacht is voor veiligheid (allergieën, astma/COPD), heldere instructies over gebruik (tijdig starten, frequentie, duur) en realistische verwachtingen.

 

 

 

Bron: www.ntvo.nl