Nieuwe aanpak bij erfelijk risico op eierstokkanker geeft minder klachten.
![]()
Later verwijderen van eierstokken stelt overgangsklachten uit

Vrouwen met een verhoogd risico op eierstokkanker krijgen momenteel het advies om hun eileiders en eierstokken preventief te laten verwijderen. Een nieuwe aanpak, waarbij eerst de eileiders en pas jaren later de eierstokken worden verwijderd, leidt tot minder overgangsklachten vijf jaar na de (eerste) ingreep. Dat blijkt uit het proefschrift van Tamar Gootzen van het Radboudumc. Een grote vervolgstudie onder drieduizend vrouwen moet nu uitwijzen of deze nieuwe aanpak net zo veilig is als de huidige.
Ongeveer één op de tweehonderd vrouwen heeft een erfelijk verhoogd risico op eierstokkanker, de dodelijkste vorm van gynaecologische kanker. De meesten hebben een mutatie in één van de twee BRCA-genen, die ook gepaard gaat met een verhoogde kans op borstkanker. Hun risico op eierstokkanker ligt tussen de 10 tot 45 procent, tegenover iets meer dan 1 procent in de algemene bevolking.
Vrouwen met zo'n erfelijke aanleg krijgen het advies om hun eileiders en eierstokken preventief te laten verwijderen zodra hun kinderwens is vervuld. Deze ingreep vindt plaats vóór de natuurlijke overgang. Omdat de eierstokken op dat moment nog hormonen produceren, leidt de operatie tot een vervroegde overgang. En dat kan klachten veroorzaken zoals opvliegers en slaapproblemen. Op langere termijn neemt ook het risico op botontkalking, hart- en vaatziekten en cognitieve problemen toe.
Eerst de eileiders:
De naam eierstokkanker doet vermoeden dat de ziekte ontstaat in de eierstokken. Uit eerder onderzoek blijkt echter dat de kanker in de meeste gevallen begint in de eileiders. Promovenda Tamar Gootzen van het Radboudumc onderzocht daarom een nieuwe preventieve aanpak voor vrouwen met een erfelijk verhoogd risico op eierstokkanker. Daarbij worden eerst alleen de eileiders verwijderd. De eierstokken volgen vijf tot twintig jaar later, afhankelijk van het risico en de leeftijd van de vrouw tijdens de eerste operatie.
Aan het onderzoek deden 570 vrouwen mee. Ze konden zelf kiezen tussen de standaardbehandeling, waarbij de eileiders en eierstokken tegelijk worden verwijderd, en de nieuwe aanpak waarbij eerst alleen de eileiders worden weggehaald. De grote meerderheid koos voor dat laatste.
Minder overgangsklachten:
Vrouwen die eerst hun eileiders lieten verwijderen en pas later hun eierstokken, hadden vijf jaar na de ingreep minder overgangsklachten dan vrouwen die beide organen tegelijk lieten verwijderen. De studie liet bovendien zien dat het moment van verwijderen van de eierstokken het belangrijkste moment is waarop de kwaliteit van leven afneemt door overgangsklachten. Gootzen is blij met de resultaten: ‘Met deze nieuwe aanpak kunnen vrouwen mogelijk de overgang en de bijbehorende klachten enkele jaren uitstellen zonder af te zien van een preventieve behandeling.’
Grote internationale vervolgstudie:
De volgende stap is onderzoeken of de nieuwe aanpak leidt tot een even kleine kans op eierstokkanker als de huidige standaardbehandeling. Daarom loopt momenteel een grote internationale studie, waaraan inmiddels ruim drieduizend vrouwen deelnemen. De studie staat onder leiding van het Radboudumc en wordt uitgevoerd in samenwerking met meer dan zeventig centra in zestien landen wereldwijd. De eerste resultaten worden over ongeveer tien jaar verwacht. In de tussentijd kunnen nog eens vijfduizend vrouwen deelnemen. Daarmee hopen de onderzoekers ook andere vragen te beantwoorden, zoals de optimale leeftijd van de eileiderverwijdering.
Hoofdonderzoeker en gynaecologisch oncoloog Joanne de Hullu vertelt: ‘Omdat meerdere Nederlandse ziekenhuizen meedoen aan de studie, kunnen alle vrouwen in Nederland met een erfelijk verhoogd risico op eierstokkanker deelnemen als zij dat willen.’ Binnen het onderzoek kunnen ze zelf kiezen voor de nieuwe aanpak of de standaardbehandeling. ‘En dat is belangrijk’, vult Gootzen aan. ‘Omdat iedere vrouw anders tegen de voor- en nadelen van beide opties aankijkt. Samen met de behandelend arts kan ze kiezen voor de aanpak die het beste bij haar past.’
In de video vertelt Tamar Gootzen zelf over haar onderzoek.
Meer informatie over de vervolgstudie is te lezen op deze pagina.
Meer informatie over de promotie
De promotie van Tamar Gootzen is op 27 oktober 2026 om 16:30 uur. Titel proefschrift: Taking the tube: Improving personalised tubo-ovarian cancer prevention in women with an increased inherited risk (online beschikbaar na 27 oktober). Promotors: Prof. dr. J.A. de Hullu en prof. dr. R.P.M.G. Hermens. Copromotors: dr. M.P. Steenbeek en dr. M.M.H.J. van Gelder. De verdediging is te volgen via deze livestream.